Politieke dieren: De Rups de Vlinder en de Haan

Rupsje nooit genoeg

De oude haan heeft het helemaal gehad. Hij wil wel eens wat anders dan alles altijd voor het hele bos te moeten voorkoken. Gelukkig staat rupsje al een tijdje in de bijkeuken te trappelen met al zijn duizend pootjes om de pollepel over te nemen om er mee over het bos te kunnen zwaaien.

Ooit was er een rups die graag een vlinder
wilde worden. Vroeger, toen hij snorde,
baarde dat nog opzien. Maar die hinder
ging voorbij. Dus dat was wel in orde.

Rupsjes vlinderwens die groeide, want het
was hem nooit genoeg. Maar zijn imago


was 'te stroef' of 'ronduit saai'. Het was net
niks. Maar willen fladderen, dat knaagt zo.

Rups, een echte duizendpoot, die wist van
ovenwanten, van de kok bestoven,
van:"ESFe denken wat er schort dan?"
Het recept ontbrak nog (en de oven)!

In het bos daar woonde ook een haan, die
als chéf-coq de torenkeuken vulde
met zijn norse blik. Bekend was dat ie
heel lang al geen tegenspraak meer dulde.

Nors was één ding. Digibeet een tweede.
Drie, tot slot, was afgeschudde veren.
"Niet naar kraaien", dacht de haan tevreden
: "Treurt de keizer soms nog om zijn kleren?"

 

Rups wou vliegen, haan was graag gevlogen.
Echte Brusselspruiten wou hij kluiven.
Rups een keukenkijkje? Haan zou mogen
over koken. Hij zag rups al schuiven:

"Luister rups, ik heb een plan. Wij gaan wat
kokkerellen. Stoof maar vast wat rapen
gaar. Dan maken we coconsoep klaar. Dat
zal je doen ontpoppen als herschapen!"

Zo gezegd, was zo gedaan. Ze starten
de ontpopping door verkokking grondig.
Eerst een ketel op 't vuur. Dan hart en
mondje roeren. Ja, die soep werd bondig.

Ballensoep met zorg en veiligheid en
crimineel veel onderwijs. Zo legde
haan en rups hun ei en klutsten zij den
solidariteit en dierenrechten.

Soepjes brouwen was voor haan routine.
Links een wiebel, rechts een hups, een pasje
naar het midden. Compromisjes dienen
poot voor poot te passen in hun jasje.

"Flauwe geur, die soep" dacht haan en leunde
wat naar voren. "Meer milieu er in dan
maar?" Hij boog nog iets voorover, kleunde
mis en kukelde toen in de soeppan.

Rups had nog een flinke kluif aan haantje.
Liep zijn plan nu in de soep of spon hij
garen bij die troep? Hij droeg zijn graantje
bij, zette haan op het menu en zei:

"Zelden werd de soep zo zout gegeten.
Wat er in zit is geheim, maar lekker
is ie zeker. Bos dit moet je weten,
want dit brouwsel is een stemmentrekker."

Zo werd haan een rupsvoertuig. De soep werd
meer bevlogen. Haan de voorste was nog
mals en voegde smaak toe aan de rupssnert.
Rups won langzaam hoogte in zijn kielzog...